Stortwijs

Welke banken ondersteunden Sofort?

Laden...

Bijna overal, behalve daar waar het telde

Hier zit een paradox die ik graag uitleg: Sofort werkte met vrijwel elke bank in Europa, en tegelijk kwam je het in Nederland nauwelijks tegen bij een casino. Hoe kan een methode die zo breed gedekt was, hier zo afwezig zijn? Het antwoord ligt niet in de techniek, maar in de gewoonte. De banken konden Sofort prima aan; de Nederlandse speler koos alleen al lang voor iets anders.

Voordat ik in de details duik, een belangrijke opmerking over de tijdsvorm. Ik schrijf bewust in de verleden tijd, want Sofort als zelfstandige methode bestaat niet meer. De vraag welke banken het ondersteunden is dus een historische vraag geworden. Maar het is een leerzame, want het laat zien dat brede bankdekking op zichzelf geen garantie is voor succes in een specifieke markt.

In dit artikel kijk ik eerst naar de indrukwekkende Europese dekking van Sofort en het netwerk dat eronder lag. Daarna zoom ik in op de Nederlandse situatie: hoe de grote banken zich verhielden tot Sofort en waarom iDEAL het hier overschaduwde. En tot slot wat er na de afbouw van de methode is overgebleven. Want de banken zijn er nog; alleen de methode die ze met elkaar verbond, is verdwenen.

Het is een verhaal dat ik vaker vertel om een breder punt te maken over betaalmethoden. Mensen denken dat de beste techniek wint, maar in betaalverkeer wint vaak de gewoonte. Sofort had de techniek, de dekking en de schaal, en verloor toch in Nederland. Dat zegt iets fundamenteels over hoe deze markt werkt, en het is precies waarom de vraag naar de ondersteunende banken zoveel interessanter is dan een simpel lijstje. Het lijstje is bijna compleet; de werkelijke betekenis ervan is nul.

Bankdekking in Europa

Begin maar eens met de cijfers, want die zijn fors. Sofort bood een bankdekking van ongeveer 99% op dertien markten en gaf toegang tot ruim 350 miljoen gebruikers in Europa. Dat is geen marginale aanwezigheid, dat is bijna volledige dekking in een groot deel van het continent. Wie in een van die markten een bankrekening had, kon vrijwel zeker met Sofort betalen. De methode was in die zin een Europese zwaargewicht.

De motor achter die dekking was een uitgebreid open-banking-netwerk. Dat onderliggende systeem verbond met zo’n 15 000 banken wereldwijd, en op die infrastructuur draaiden de Sofort-betalingen. In Europa gebruikten ongeveer 75 000 winkels en dienstverleners de methode om betalingen te ontvangen. Dat zijn de aantallen van een serieuze speler, niet van een nicheproduct. De technische reikwijdte van Sofort stond dus buiten kijf.

Wat dit verhaal zo leerzaam maakt, is het contrast tussen die schaal en de werkelijke positie per land. Een dekking van 99% klinkt als marktdominantie, maar dekking is iets anders dan gebruik. Het feit dat je met een methode kunt betalen, betekent niet dat mensen dat ook doen. In landen waar geen sterke lokale standaard bestond, vulde Sofort die leegte moeiteloos op. Maar in landen die al een eigen kampioen hadden, bleef de brede dekking grotendeels theoretisch, want de inwoners grepen toch naar hun vertrouwde knop.

En precies dat is wat er in Nederland gebeurde. De technische dekking was er, de banken konden het aan, maar de markt had zijn keuze al gemaakt. Sofort was als een snelweg die naar elke stad leidde in een land waar iedereen al gewend was om de trein te nemen. De infrastructuur lag er, maar werd nauwelijks bereden.

De Nederlandse banken

Zoom je in op Nederland, dan kom je bij de namen die iedereen kent: ABN AMRO, ING, Rabobank en de kleinere banken die samen het Nederlandse betaallandschap vormen. In technische zin pasten deze banken binnen het Europese netwerk waarop Sofort draaide, dus een Nederlander kon in principe via zijn bank met Sofort betalen op platforms die de methode aanboden. De drempel zat niet in de bank, maar in de keuze van de speler en de aanbieder.

Het probleem voor Sofort was dat deze banken al verenigd waren in iDEAL. iDEAL is geen externe betaaldienst, maar een gezamenlijke standaard die door de Nederlandse banken zelf is opgezet. Toen een Nederlander online wilde betalen, zag hij de vertrouwde iDEAL-knop met zijn eigen bank erachter, en die route was kosteloos, snel en volledig ingeburgerd. Sofort moest daar tegenop boksen als buitenstaander, en dat is een ongelijke strijd. Waarom zou een speler een minder bekende methode kiezen als zijn eigen bank al een knop heeft die alles doet wat hij nodig heeft?

Daar komt bij dat iDEAL ongeveer 70% van alle online betalingen in Nederland voor zijn rekening neemt. Dat is geen toevallige meerderheid, dat is een dominantie die elke concurrent vrijwel kansloos maakt. Voor een casino dat zijn klanten wilde bedienen, was de keuze daarmee gemaakt: bied de methode aan die zeven van de tien spelers sowieso gebruiken. Sofort werd in dat plaatje overbodig, niet omdat het niet werkte, maar omdat de markt het simpelweg niet nodig had. Wie de volledige verklaring wil voor die dominantie, leest mijn analyse over waarom iDEAL de standaard is in casino’s, want daar ontleed ik de cijfers achter die zeventig procent.

Er speelde nog iets mee wat zelden wordt benoemd: de relatie tussen de banken en de betaalmethode. Bij iDEAL zijn de banken zelf eigenaar van de standaard, ze hebben er belang bij dat het werkt en het loopt naadloos in hun eigen omgeving. Bij Sofort was de bank slechts de partij waar een externe dienst namens de klant inlogde, een rol die voor banken minder vanzelfsprekend en soms zelfs ongemakkelijk was. Dat verschil in eigenaarschap maakte iDEAL niet alleen goedkoper en bekender, maar ook beter ingebed. Sofort bleef een gast die toegang vroeg; iDEAL was de gastheer zelf. In een markt waar vertrouwen en gemak alles bepalen, is dat een verschil dat je niet wegpoetst met een betere dekking.

Wat na de afbouw

De vraag welke banken Sofort ondersteunden is inmiddels volledig achterhaald, want de methode is afgebouwd. Vanaf 1 november 2023 konden geen nieuwe winkels meer aansluiten, op 30 september 2024 werd voor het laatst een betaling verwerkt, en sinds 1 oktober 2024 is Sofort in alle integraties uitgeschakeld. De methode is opgegaan in het bredere Klarna-aanbod, en daarmee is de hele vraag van karakter veranderd: het gaat niet meer om welke banken het ondersteunen, maar om welke banken het ondersteunden.

De banken zelf zijn natuurlijk niet verdwenen. ABN AMRO, ING en Rabobank verwerken nog dagelijks miljoenen betalingen, alleen niet meer via Sofort. De infrastructuur die deze banken met elkaar verbindt voor online betalingen, draait gewoon door, maar dan via iDEAL en de reguliere bankoverschrijvingen. Wat verdwenen is, is de tussenpersoon: de externe dienst die namens jou bij je bank inlogde en de overschrijving klaarzette. Die rol is overbodig geworden in een markt die al een eigen, soepele standaard had.

Voor een speler die vandaag zoekt naar welke banken Sofort ondersteunen, is de praktische conclusie dus simpel: geen enkele, omdat de methode niet meer bestaat. Kom je toch een casino tegen dat beweert Sofort aan te bieden met een lijstje deelnemende banken, dan kijk je naar verouderde of onjuiste informatie, vaak van een platform dat buiten het legale Nederlandse aanbod opereert. De banken van Nederland werken vandaag samen in iDEAL, en dat is het kanaal waar je geld werkelijk doorheen stroomt als je bij een vergunninghouder speelt.

Werkte Sofort met alle Nederlandse banken?
Technisch konden de grote Nederlandse banken binnen het Europese netwerk van Sofort werken, dat een dekking van ongeveer 99% op dertien markten had. In de praktijk gebruikten Nederlanders echter vrijwel altijd iDEAL, waardoor Sofort hier nauwelijks voet aan de grond kreeg.
Wat is het Kosma-netwerk?
Dat is het open-banking-netwerk dat de Sofort-betalingen voedde en verbinding maakte met zo'n 15 000 banken wereldwijd. Het vormde de technische infrastructuur waarop ongeveer 75 000 Europese winkels de methode konden aanbieden.